Belangrijkste Begrippen in het Gemeentebestuur
1. Gemeenteraad
Dit is het hoogste orgaan van de gemeente en kunt u vergelijken met de Tweede Kamer, maar dan op lokaal niveau. De leden van de gemeenteraad worden iedere vier jaar direct door de inwoners van de gemeente gekozen. De raad stelt de grote lijnen van het beleid vast, neemt de belangrijkste beslissingen en controleert of het college van B&W zijn werk goed doet.
2. College van Burgemeester en Wethouders (B&W)
Dit is het dagelijks bestuur van de gemeente, vergelijkbaar met de regering op landelijk niveau. Het bestaat uit:
De Burgemeester: De voorzitter van zowel de gemeenteraad als het college van B&W. De burgemeester wordt niet gekozen, maar benoemd door de Kroon (Koning en ministers) voor een periode van zes jaar. Hij of zij is met name verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid.
De Wethouders: Zij worden gekozen door de gemeenteraad en hebben elk hun eigen takenpakket (portefeuille), zoals financiën, ruimtelijke ordening, zorg of onderwijs. Een wethouder is vaak lid van een van de partijen die in de raad de meerderheid vormen (de coalitie).
3. Portefeuille
Dit is het specifieke takenpakket waarvoor een wethouder verantwoordelijk is. Zo spreekt men over “de wethouder met de portefeuille Verkeer” of “de wethouder met de portefeuille Zorg en Welzijn”. Hij of zij bereidt het beleid op dat gebied voor en is er het eerste aanspreekpunt voor.
4. Motie
Een motie is een uitspraak of verzoek van de gemeenteraad aan het college van B&W. Met een motie kan de raad een oordeel geven over het beleid, het college oproepen om iets te doen (bijvoorbeeld een onderzoek starten) of juist iets niet te doen. Een “motie van wantrouwen” is de zwaarste variant, waarmee de raad het vertrouwen in een wethouder of het hele college opzegt. Het College kan een motie naast zich neerleggen en een aangenomen amendement niet.
5. Amendement
Een amendement is een concreet voorstel van een raadslid om een besluit dat ter stemming voorligt, te wijzigen. Stel dat het college voorstelt om op een plein tien bomen te planten. Een raadslid kan dan een amendement indienen om er vijftien bomen van te maken, of om een ander soort boom te kiezen. Als het amendement wordt aangenomen, wordt de tekst van het oorspronkelijke voorstel aangepast. Het College kan een motie naast zich neerleggen en een aangenomen amendement niet.
6. Bestemmingsplan
Dit is een cruciaal document waarin de gemeente vastlegt wat er met de grond in een bepaald gebied mag gebeuren. Er staat bijvoorbeeld in waar gewoond mag worden (woonbestemming), waar bedrijven zich mogen vestigen (bedrijfsbestemming) en welke gebieden voor natuur of landbouw (agrarische bestemming) zijn. Als u iets wilt (ver)bouwen, moet dit passen binnen het geldende bestemmingsplan.
7. Algemene Plaatselijke Verordening (APV)
De APV is in feite de ‘lokale wet’ van de gemeente. Hierin staan de gemeentelijke regels die gelden voor de openbare orde en veiligheid. Denk aan regels over het buitenzetten van huisvuil, het aanlijnen van honden, evenementenvergunningen of het tegengaan van overlast op straat.
8. Begroting en Jaarrekening
De Begroting: Dit is het financiële plan voor het komende jaar. De raad stelt hierin vast hoeveel geld er binnenkomt (onder andere via de gemeentelijke belastingen zoals de OZB) en waaraan dat geld uitgegeven mag worden. De behandeling van de begroting in het najaar is het belangrijkste moment voor de raad om politieke keuzes te maken.
De Jaarrekening: Dit is het financiële verslag over het afgelopen jaar. Hiermee legt het college van B&W verantwoording af aan de gemeenteraad over hoe het geld daadwerkelijk is besteed.
9. Inspraak
Dit is het recht van inwoners en belanghebbenden om hun mening te geven over plannen van de gemeente voordat er een definitief besluit wordt genomen. Dit gebeurt vaak via inspraakavonden of de mogelijkheid om schriftelijk een reactie (een ‘zienswijze’) in te dienen. Dit geeft u als burger de kans om invloed uit te oefenen op uw directe leefomgeving.
10. Dualisme
Dit is het principe dat er, net als landelijk, een duidelijke scheiding is tussen de rollen van de gemeenteraad en het college van B&W. De raad stelt de kaders en controleert, terwijl het college bestuurt en uitvoert. Dit zorgt voor een helder evenwicht: de raad is de ‘baas’ en het college is het ‘dagelijks bestuur’ dat verantwoording moet afleggen aan die baas.
11. Technische versus politieke vraag
Het belangrijkste verschil is dat een technische vraag feitelijk van aard is en een politieke vraag een mening of standpunt van het College betreft. Technische vragen gaan over feiten, cijfers, wetgeving of uitleg. Technische vragen kunnen worden beantwoord door ambtenaren.
Politieke vragen hebben vaak betrekking op beleid, beslissingen of visie van het College.